Tijdens de masterclass ‘Snoeien met Sienis’ op 11 december 2021 konden we ons laven aan meer dan veertig jaar ervaring met het snoeien van fruitbomen. Sienis is geboren en getogen in de Betuwe, maar dat is maar een klein deel van de verklaring van zijn grenzeloze kennis op zijn vakgebied. Hij omschrijft het tijdens zijn korte inleiding aldus: Je moet je verplaatsen in de boom, zijn karakter snappen, en begrijpen wat hij wil. En dat is precies wat Sienis al een jaar of veertig met grote aandacht en precisie doet.
Wat dat in de praktijk betekent, wordt duidelijk als we met Sienis naar buiten gaan en zijn blik volgen als hij de appelbomen op het Landje van De Boer monstert. Hier blijkt de ervaring van jarenlang zorgvuldig kijken – zowel naar de boom, als naar het effect van eerdere ingrepen.
Schep ruimte
Met de aanwijzingen van Sienis kan iedereen meteen zijn voordeel doen: begin altijd met van buitenaf de vorm van de boom te bekijken. Bij eigenlijk elke boom op het Landje luidt de diagnose aldus: te vol, te weinig ruimte, te weinig licht. De uitdaging is om weer een evenwichtig frame van gesteltakken terug te krijgen. Dat betekent dat bij concurrerende takken, of gelijk opgroeiende takken aan dezelfde gesteltak, een van beide moet verdwijnen. Hetzelfde geldt voor takken die rechtop groeien: die leveren te veel schaduw op.
Verdeel het licht
Aanwijzing twee: om de boom maximaal aan zonlicht bloot te stellen, streven we naar een piramidale vorm. Dus: de onderste takken zijn het langste, en je laat ze van binnen naar buiten groeien. Idealiter kruisen ze elkaar niet, omdat ze elkaar dan verwonden. De kunst is om je ook meteen een voorstelling te maken van hoe de takken zullen buigen onder het gewicht van een vracht appels, en of ze dan nog steeds vrij hangen.
Van grote naar kleine ingrepen
Hoewel de workshop ‘Snoeien met Sienis’ heet, blijkt ‘Zagen met Sienis’ de lading ook vrij goed te dekken. Sienis is niet van halve maatregelen of van een beetje bijpunten. Dit is de derde vuistregel: eerst grote ingrepen, en dan kleine. Bijkomend voordeel van drastische ingrepen: minder uitlopers (‘waterloten’ in jargon) op de plekken waar je hebt gesnoeid, want je hebt simpelweg minder snoeiwonden.
Nieuwe groei sturen
Vanaf hier wordt het subtiel. Je kunt namelijk op veel manieren sturen of en waar een boom nieuwe loten en nieuwe bloesems gaat produceren. De kunst is om een evenwicht te bewaren tussen niet te veel en niet te weinig vruchthout: liever veel lekkere, dikke appels dan kleine die matig van smaak zijn. Idealiter wil je ook beurtjaren vermijden: het ene jaar een vracht appels en het volgende jaar (bijna) niets.
Leer van je fouten
Het goede nieuws: het kan op veel manieren mis, maar het kan nooit echt fout. Een boom zal altijd willen groeien en vruchten willen maken. Aan zijn wortelstel dankt een boom een bepaalde productiecapaciteit, die altijd zijn weg zal zoeken. Het is de kunst van de snoeier om deze drang tot groei, bloei en de productie van appels in goede banen te leiden. Een goede snoeier kan van een boom leren wat zijn karakter is en waar hij goed op gedijt. Vooropgesteld natuurlijk dat hij bereid is om aandachtig te kijken en van fouten te leren.

[Elbrich Fennema]